dinsdag 25 maart 2008

Stukjes uit conclusie paper

Als voorlopige conclusie stel ik dat er sprake is van een bepaalde mate van crisis op het gebied van de huidige representatie in het Tropenmuseum. Een van de oorzaken van deze crisis blijkt voort te komen uit het 'conflict' tussen de verschillende intenties van enerzijds de consumentistische georienteerde pr-afdeling en anderzijds de wetenschapscommunicatieve intentie van de conservatoren. Echter, om de aard van de crisis beter te begrijpen, is, zoals aangegeven in de evaluatie, verder onderzoek nodig naar de relatie tussen eerdere fasen in het bewustwordingsproces van de drie kwesties (die van de epistemologie, de ontologie en de representatie) en de uitwerking hiervan in de tentoonstellingspraktijk.

Wellicht is het dramatische scenario het enige alternatief, tenzij er een systematische verandering plaatsvindt. Deze verandering is mijn inziens echter niet gelegen in het laten vervallen van het dichotome kader. Het is eerder zo dat dit kader in context geplaatst dient te worden, waardoor het zijn absolutistische uitwerking zal verliezen. Omdat het museum een machtige positie bekleedt in het creeren van iconen, representaties en denkbeelden is het van belang dat er een symmetrische antropologie gehanteerd zal gaan worden. Het begrip van de 'orientalistische Ander' mag in geen geval worden herbevestigd.

In het huidige complexiteitsdenken is men bewust van de beperkende werking van het dichotome denken. De overweging is echter om de nog altijd werkzame moderne polen niet te willen vervangen, omdat ze nog steeds nuttig, maar vooral onvermijdelijk zijn. Vanwege het bewustzijn van complexiteit en de specialistische wetenschap die haar bestudeert, is er echter niet meer de pretentie om een adequate representatie te geven in de moderne zin van corresponderend met de werkelijkheid. Het doel is eerder om een model te geven dat kan leiden tot een beter begrip of dat aanzet tot een verdergaande interpretatie.

Het essentialistische, orientalistische wereldbeeld is dichotoom, maar niet alle dichotome, theoretische kaders hoeven te leiden tot een essentialistisch of orientalistisch wereldbeeld. Als gevolg van de complexiteitsbenadering is ingezien dat het dichotome model zich voordoet op allerlei niveaus in de bestudeerde werkelijkheid. Zowel voor politieke, economische, sociale, psychologische, als voor chemische en biologische niveaus geldt het fundamentele principe van binnen en buiten zonder dat deze historisch absoluut is. Vanwege dit fundamentele principe ga ik er van uit dat het museum niet zal kunnen ontsnappen aan het essentialistische verleden. Maar dat hoeft nog geen crisis te betekenen. Een belangrijke last van het essentialistische verleden is het gevolg van een absolutistische weergave van een binnen en buiten op slechts 1 niveau.

Het dichotome denkkader hoeft dus niet te komen vervallen, maar verandering is wel vereist. De reflectie zal meer moeten worden geintegreerd in zowel de wetenschap van de etnografie als de representatie van de wetenschappelijke bevindingen. Verliest het etnografisch museum daardoor zijn recht van bestaan? Als een vakgebied ontwikkelt, moet het dan van naam veranderen? De zogenaamde reflexieve wending doet zich voor in meerdere gebieden van de wetenschap. Hoewel dit als een crisis kan worden ervaren is het geen vreemd, geen onvermijdelijk en tevens niet per se enkel een negatief effect van een paradigmawisseling, zoals de huidige ontwikkeling door Hennes wordt genoemd. In plaats van te wachten tot het Tropenmuseum implodeert is het mijn intentie om mogelijke positieve effecten van de crisis verder te onderzoeken.

Geen opmerkingen: