maandag 24 maart 2008

Aanbeveling vh EP & de raad inzake leven lang leren 30-12-2006

'De Europese Raad van Lissabon van 34-24 maart 2000 concludeerde dat als onderdeel van Europa's antwoord op de mondialisering en de overgang naar kenniseconomieen een Europees kader moet worden bepaald waarin de nieuwe basisvaardigheden, die door een leven lang leren moeten worden verschaft, worden beschreven, en benadrukte dat mensen Europa's hoogste goed zijn.

De doelstellingen omvatten (te verwezenlijken voor 2010) de ontwikkeling van vaardigheden voor de kennismaatschappij en specifieke doelstellingen om het leren van talen te stimuleren, de ondernemingsgeest te ontwikkelen en in het algemeen de Europese dimensie in het onderwijs te versterken.

In de mededeling van de Commissie 'Een Europese ruimte voor levenslang leren realiseren' en de daaropvolgende resolutie van de raad van 27 juni 2002 inzake levenslang leren wordt het verschaffen van 'de nieuwe basisvaardigheden' als prioriteit aangemerkt en wordt benadrukt dat een leven lang leren betrekking moet hebben op het leren vanaf de voorschoolse leeftijd tot na de pensionering.
(...)
In het in 2004 goedgekeurde gezamenlijke verslag van de Raad en de Commissie over het werkprogramma 'Onderwijs en opleiding 2010' werd nog eens met klem gewezen op het feit dat in het kader van de strategieen van de lidstaten voor een leven langleren alle burgers moeten worden toegerust met de nodige competenties. Om hervormingen te vergemakkelijken en te stimuleren stelt het verslag voor gemeenschappelijke Europese referentiecriteria en uitgangspunten te ontwikkelen en wordt prioriteit toegekend aan het kader van sleutelcompetenties.
(...)
De noodzaak om jongeren toe te rusten met de nodige sleutelcompetenties en de opleidignsniveaus te verbeteren maakt integraal deel uit van de door de Europese Raad van juni 2005 goedgekeurde Geintegreerde richtsnoeren voor groei en werkgelegenheid 2005-2008. Hierin wordt met name gepleit voor een aanpassing van de onderwijs- en opleidingsstelsels in reactie op de nieuwe competentievereisten door in het kader van de hervormingsprogramma's van de lidstaten de behoeften van het bedrijfsleven en de sleutelcompetenties beter in kaart te brengen.


Achtergrond en doelstellingen
Aangezien de mondialisering de EU voor steeds nieuwe uitdagingen stelt, zal elke burger moeten beschikken over een breed scala van sleutelcompetenties om zich flexibel te kunnen aanpassen aan een snel veranderende wereld waarin alles in hoge mate met elkaar verbonden is.

Aangezien onderwijs een tweeledige functie heeft, sociaal en economisch, speelt het een cruciale rol bij de verwerving van de sleutelcompetenties die de burgers van Europa nodig hebben om zich op een soepele manier aan deze veranderingen aan te passen.
(...)
Competenties worden gedefinieerd als een combinatie van kennis, vaardigheden en attitudes die in een bepaalde context adequaat zijn. Sleutelcompetenties zijn die competenties die elk individu nodig heeft voor zijn zelfontplooiing en ontwikkeling, actief burgerschap, sociale integratie en zijn werk.

Het Europees referentiekader kent acht sleutelcompetenties:
1. Communicatie in de moedertaal
2. Communicatie in vreemde talen
3. Wiskundige competentie en basiscompetentie op het gebied van exacte wetenschappen en technologie
4. Digitale competenties
5. Leercompetenties
6. Sociale en civieke competenties
7. Ontwikkeling van initiatief en ondernemerschap; en
8. Cultureel bewustzijn en culturele expressie

Zie verder het beleidstuk voor beschrijving van deze competenties. Roept vragen op. Bijvoorbeeld al bij punt 1. Dit kan in Nederland niet worden bereikt met enkel het doceren van de Nederlandse taal op scholen. Het gaat namelijk niet alleen om lezen en schrijven, maar met moet concepten, gedachten, gevoelens, feiten en meningen onder woorden brengen en interpreteren. Tevens moet men op gepaste en creatieve wijze in alle (!) maatschappelijke en culurele situaties talig kunnen handelen. Bovendien moet men over de vaardigheden beschikken om mondeling en schriftelijk in uiteenlopende situaties te communiceren en zijn gedrag te observeren en aan te passen aan de eisen van de situatie. Deze competentie houdt ook het vermogen in om verschillende soorten teksten van elkaar te onderscheiden en te gebruiken, informatie te zoeken, te verzamelen en te verwerken, hulpmiddelen te gebruiken, en afhankelijk van de context op doeltreffende wijze zijn eigen argumenten schriftelijk en mondeling te formuleren en onder woorden te brengen.

zohee, als je hieraan voldoet moet je direct een diploma krijgen, dan komen die andere 7 competenties vanzelf wel goed.


Dan over de zesde: Sociale en burgerschapscompetentie

Definitie:

Deze competenties omvatten persoonlijke, interpersoonlijke en interculturele competentie en bestrijken alle vormen van gedrag die het personen mogelijk maken op een efficiente en constructieve manier deel te nemen aan het sociale en beroepsleven, met name in toenemend gediversifieerde samenlevingen, en om waar nodig conflicten op te lossen. Burgerschapscompetenties stellen personen in staat volledig deel te nemen aan het leven als burger, dankzij kennis van sociale en politieke begrippen en structuren, en een actieve en democratische participatie.

Essentiele kennis, vaardigheden en attitudes met betrekking tot deze competentie

Sociale competentie hangt samen met het persoonlijke en sociale welbevinden, hetgeen inzicht vereist in de manier waarop men voor een optimale lichamelijke en geestelijke gezondheid kan zorgen, het besef dat die van onschatbare waarde is voor jezelf, je familie en je directe sociale omgeving, en kennis van de manier waarop een gezonde leefstijl hiertoe kan bijdragen. Voor een succesvolle interpersoonlijke en sociale participatie is het essentieel de in verschillende samenlevingen en milieus algemeen geaccepteerde gedragscodes en omgangsvormen te begrijpen. Het is evenzeer van belang op de hoogte te zijn van de basisbegrippen met betrekking tot individuen, groepen, arbeidsorganisaties, gelijkheid van man en vrouw en non-discriminatie, maatschappij en cultuur. Inzicht in de multiculturele en sociaal-economische dimensies van de Europese samenlevingen en de wisselwerking tussen de nationale culturele identiteit en de Europese identiteit is belangrijk. (...)

Burgerschapscompetentie is gebaseerd op kennis van de begrippen democratie, rechtvaardigheid en gelijkheid, burgerschap en burgerrechten, zoals die ondermeer zijn neergelegd in het Handvest van de grondrechten van de EU en internationale verklaringen, en door de diverse instellingen op lokaal, regionaal, nationaal, Europees en internationaal niveau worden toegepast. Burgerschapscompetentie omvat kennis van de hedendaagse gebeurtenissen, alsmede van de voornaamste gebeurtenissen en ontwikkelingen in de nationale, de Europese en de wereldgeschiedenis. blablablanog veel meer (zijn de docenten al gevonden? Pff in een vijfjarige academische of HBOstudie past dit allemaal niet)

De zevende competentie (Ontwikkeling van initiatief en ondernemerszin) vereist onder meer creativiteit, innovatie en het nemen van risico's.


Dan tenslotte:
8. Cultureel bewustzijn en culturele expressie

Definitie:

Erkenning van het belang van de creatieve expressie van ideeen, ervaringen en emoties in diverse vormen, waaronder muziek, podiumkunsten, literatuur en beeldende kunsten.

Essentiele kennis, vaardigheden en attitudes met betrekking to deze competentie.

Culturele kennis omvat een bewustzijn van het lokale, nationale en Europese culturele erfgoed en de plaats daarvan in de wereld. Daaronder valt elementaire kennis van de belangrijkste culturele werken, waaronder hedendaagse volkskunst als belangrijk onderdeel van de menselijke geschiedenis. Het is belangrijk de culturele en taalkundige verscheidenheid in Europa en in andere wereldregio's te begrijpen, te beseffen dat die beschermd moeten worden, en inzicht hebben in het belang van esthetische factoren in het dagelijkse leven.

Tot de vaardigheden behoren zowel appreciatie als expressie: zelfexpressie via uiteenlopende uitdrukkingsvormen dankzij de individuele aangeboren capaciteiten alsmede het waarderen en genieten van kunstwerken en artistieke voorstellingen. Daartoe behoort evenzeer het vermogen om zijn eigen creatieve en expressieve gezichtspunten te relateren aan de meningen van anderen en sociale en economische kansen in culturele activiteiten te onderkennen en te verwezenlijken. Culturele expressie is essentieel voor de ontwikkeling van creatieve vaardigheden die kunnen worden toegepast in vele professionele contacten.

Een gedegen begrip van de eigen cultuur vormt de basis voor respect en een open attitude tegenover de verscheidenheid van culturele uitdrukkingsvormen. Tot een positieve instelling behoren ook creativiteit en de bereidheid om esthetische mogelijkheden te cultiveren via artistieke zelfexpressie en deelneming aan het culturele leven.

Publiekblad van de Europese Unie 30.12.2006

Geen opmerkingen: